Middenschool | Bovenbouw | CL&W | OV4

Middenschool | Bovenbouw

Missie

De middenschool OLVI, middenschool Sint-Jan, middenschool en bovenbouw OHVM, bovenbouw Sinte-Lutgart, bovenbouw Sint-Jozef, bovenbouw VTI en het Centrum Leren & Werken willen binnen de scholengemeenschap van het Spectrumcollege uitgroeien tot een organisch geheel dat door haar kwaliteit de werking van elke school nog verbetert. Vanuit dit idee van integratie en op basis van voortdurend overleg wil ze ieder die bij onderwijs betrokken is, motiveren en coachen. Daarbij treedt ze de andere katholieke scholen in de regio in een geest van openheid tegemoet.

Visie

De scholengemeenschap zal voor haar leerlingen, hun ouders, de leerkrachten, het ondersteunend personeel, de directies en de Inrichtende Macht initiatieven opstarten, begeleiden en evalueren, waaraan iedereen creatief kan bijdragen.

We bouwen hiermee verder op wat onze gemeenschap in het verleden al gerealiseerd heeft. De duidelijke structuur middenschool / bovenbouw, het doorzichtige onderwijsaanbod, het opzetten van gezamenlijke administratieve ondersteuning, het beheer door één Inrichtende Macht, de verdeling van de urenpakketten... Het zijn allemaal tekenen van ons geloof in de kracht van ware samenwerking en solidariteit.

  • De scholengemeenschap wil haar leerlingen uitdagen hun talenten te ontwikkelen, niet alleen op het gebied van kennis maar ook op relationeel, maatschappelijk (ook intercultureel), religieus en motorisch vlak.
  • De scholengemeenschap wil haar leerlingen uitdagen hun talenten te ontwikkelen, niet alleen op het gebied van kennis maar ook op relationeel, maatschappelijk (ook intercultureel), religieus en motorisch vlak.We willen hen aanmoedigen om uit te groeien tot evenwichtige jongeren die klaarstaan voor het beroepsleven of het hoger onderwijs. We willen hen ertoe stimuleren om levenslang te leren. We willen hun de bouwstenen aanreiken om in de samenleving van morgen zelfstandig, sociaal en harmonisch te kunnen functioneren.
  • De ouders moeten hierin onze bondgenoten zijn. Efficiënte communicatie is hier erg belangrijk. Vanuit concrete gemeenschappelijke activiteiten willen we de ouders laten groeien tot een groep met inspraak. Zo kunnen ze echt bijdragen tot de ontwikkeling van de scholen en van de scholengemeenschap.
  • De leerkrachten motiveren we om hun onderwijsopdracht vanuit een maatschappelijke bewogenheid leerling-, team- én vakgericht in te kleuren. Ze moeten de leerlingen binnen een stimulerende leeromgeving aanmoedigen en uitdagen. We moeten daartoe de eigenheid van elke leerkracht maximaal waarderen. De meerwaarde van samenwerkingsstructuren die zowel vakgericht als vak-, school- en schoolgemeenschapoverstijgend zijn, helpt ons deze uitdaging aan te gaan. Bovendien moeten we binnen de middelen van de scholengemeenschap extra aandacht besteden aan wat materieel nodig is om inhoudelijk, didactisch, waardegericht en relationeel met leerlingen om te gaan.
  • Voor het ondersteunend personeel werken we samen een takenpakket uit. Via samenwerking en uitwisselingsprojecten stemmen we de verschillende taken beter op elkaar af om de efficiëntie nog te verhogen. Daarbij houden we rekening met de specifieke plaats die men binnen deze groep inneemt.
    -De opvoeders vormen mee de brug tussen leerlingen, ouders, leerkrachten en directie.
    -Het administratief ondersteunend personeel treedt zowel ondersteunend als beleidsvoorbereidend, uitvoerend en
    indien gevraagd adviserend op.
    -Het logistiek ondersteunend personeel bekommert zich om het onderhoud van de infrastructuur.
  • De opdracht van het College van Directies situeert zich op twee niveaus:
    -het beleidswerk op lange termijn, waarbij men de uitgezette koers afweegt tegen de nieuwe trends in
    onderwijs en maatschappij,
    -de dagelijkse leiding, waarbij het College van Directies erover waakt dat de scholengemeenschap
    niet alleen in woord maar ook in daad een samenwerkingsverband wordt. Het ziet erop toe dat
    de initiatieven gecoördineerd verlopen en door ieder volgens eigen draagkracht opgevolgd worden.
    Het College van Directies streeft naar een effectieve en efficiënte taakverdeling. De Algemeen en de Coördinerend Directeur bereiden voor, maar de eindverantwoordelijkheid blijft collectief.
  • Het College van Directies kan een beroep doen op een beperkt maar efficiënt middenkader. Dit zorgt o.m. voor een goede doorstroming van informatie tussen directies en leerkrachten en begeleidt bepaalde initiatieven.
  • De Inrichtende Macht heeft als belangrijkste taak de realisatie van de missie van de scholengemeenschap te verzekeren. Ze evalueert de bijdrage en de rol van de verschillende actoren in dit proces, ondersteunt en coacht het College van Directies en draagt de eindverantwoordelijkheid voor het gemeenschappelijk gebeuren. Ze volgt het beleid en neemt de beleidsbepalende beslissingen.

De scholengemeenschap lanceert dit geheel van initiatieven

  • volgens de weg van de geplande geleidelijkheid,
  • met aandacht voor de typische maatschappelijke en religieuze context van Beringen-Lummen,
  • vanuit een groot respect voor de bestaande schoolculturen.

We willen geen uniformiteit die bang is voor originaliteit. We willen eenheid in verscheidenheid, waarbij de verschillende schoolculturen elkaar vanuit hun meerwaarden verrijken.

Het samenleven in onze scholengemeenschap wordt immers gekleurd door een evangelische inspiratie. Zo maken we tijd en ruimte om met alle partners binnen onze gemeenschap uit te spreken wat ons in die geest boeit en verbindt.

Het levensverhaal van Jezus van Nazareth is de verankering en de toetssteen bij elke cruciale keuze in onze omgang met medewerkers, leerlingen en ouders.
Vanuit deze inspiratie zoeken we naar verbondenheid met ieder die in dezelfde bijbelse erfenis geworteld is of zoekt naar zin en uitzicht op de toekomst.

In deze geest van respect treden we iedereen tegemoet die samen met ons onze opdracht wil realiseren. Want samen verrijken we niet alleen elkaar, maar ook hen die aan onze zorg zijn toevertrouwd.

Het is onze opdracht de jongeren die aan ons zijn toevertrouwd optimaal te begeleiden, zowel in de zoektocht naar de eigen talenten als bij de ontwikkeling ervan.

Fundamenteel in dit groeiproces is het leren omgaan met factoren die de eigen ontwikkeling kunnen stimuleren of belemmeren. Ook hierin heeft elke jongere recht op onze grootste zorg, zeker wanneer hij of zij kampt met leer- of gedragsproblemen.

Om hen hierin te ondersteunen, ontwikkelde onze scholengemeenschap op basis van een kritische analyse van eerdere begeleidingsmodellen en hierin begeleid door specialisten inzake leerstoornissen en hun aanpak, een handelingsplan dat aan welomschreven voorwaarden moet voldoen.

Het handelingsplan, dat Musketon gedoopt werd, moet

  • streven naar volledige transparantie van de wijze waarop de school met de vraag naar zorg omgaat, zowel naar de leerling en de ouders als naar de verschillende interne partners toe (leerkrachten, zorgleerkrachten en leerlingenbegeleiders, directie, CLB...),
  • een correcte inschatting mogelijk maken van de zorgen van de leerling, d.w.z. de leerling die echt hulp nodig heeft,
  • die zorg vertalen in een aanpak die de talenten van de leerling ontwikkelt en de beperkingen minimaliseert door compenserende maatregelen aan te bieden,
  • in de globale aanpak op school geïntegreerd worden,
  • de wil om betrokken te zijn en de betrokkenheid zelf van leerling, ouders en personeel verhogen, o.m. door het begrip voor het probleem als dusdanig te stimuleren.

Om deze doelstellingen te bereiken, benadrukt het Musketonsysteem het belang van eenduidigheid naar alle betrokken leerlingen, ouders en alle personeelsleden toe, zowel wat informatie over de desbetreffende leerstoornissen als wat de aanpak aangaat.

Dit is geen eenmalig proces. Daarom wordt Musketon jaarlijks tijdens de eerste personeelsvergadering opnieuw toegelicht, door ons scholengemeenschappelijk Comité Interne Zorg opgevolgd en bijgestuurd waar nodig, en door de betrokkenen geëvalueerd.

Alleen door deze constante betrokkenheid kunnen we in onze opdracht slagen.